De Limburgse VVD en de geitenhouderij, een kijk vanuit twee kanten.

Provinciale Staten van Limburg spraken zich op 9 november uit over het al-of-niet instellen van een stop op de ontwikkeling van de professionele geitenhouderij. De VVD ontwikkelde haar standpunt met het gepaste gevoel voor verantwoordelijkheid tot wat het nu is: even onderzoeken en vaststellen hoe een veilige ontwikkeling in de sector mogelijk is. Het gaat immers om mensen, aan beide kanten van de medaille. Herman Nijskens en Anton Kirkels laten ieder vanuit hun ervaring het licht over deze ontwikkeling schijnen. 

Lees meer

Voorraad woningen in Limburg beter matchen met vraag

Tijdens de algemene beschouwingen in het Limburgs parlement heeft de VVD gepleit voor een andere aanpak van de woningmarkt. Daarvoor heeft de VVD een motie ingediend die ook is aangenomen.

De provincie mag alleen nog ingrijpen in de woningmarkt als gemeenten elkaar oneigenlijk beconcurreren, ook moet de provincie werk maken van een andere systematiek rondom planvoorraad.

Met name kleine gemeenten met een te kleine planvoorraad gecombineerd met een getalsmatig te grote woningvoorraad zijn niet in staat de transitie van de woningvoorraad vorm te geven.

Grotere gemeenten met een gelijksoortige problematiek op wijkniveau zijn daartoe wel in staat, mits zij voldoende ruimte hebben op zowel planvoorraad als in woningbehoefte.

Door tijdelijk de gemeenten te laten werken aan woningen speciaal voor starters (huur en koop) en voor senioren komt de doorstroming op gang en komt de woningvoorraad meer in evenwicht met de gewenste woningvoorraad.

VVD-standpunt over de motie van de voorlopige bouwstop en uitbreiding van geitenhouderijen

Doorslaggevend bij onze afweging zijn de mogelijke gezondheidsrisico’s voor mensen die in de buurt van geitenhouderijen wonen.

De gisteren genomen beslissing is in zo verre anders dat er nu sprake lijkt te zijn van een mogelijk causaal verband tussen het optreden van longontstekingen en de afstand van woningen ten opzichte van een geitenhouderij.

Juist omdat voorheen onderzoeken hier geen uitsluitsel over gaven heeft het ministerie van LNV onderzoeken opgestart die hier duidelijkheid over moeten verschaffen. Wij hebben vervolgens overwogen of het verstandig is om in de tussentijd uitbreidingen en/of nieuwvestigingen te blijven toestaan of dat je zegt we voeren een voorlopige bouwstop in. Onze discussie is uitgekomen op het tweede. Wij hebben daarbij zelf meegeschreven aan het afgezwakte dictum van de motie dat eerst van een keiharde bouwstop sprak. In de berichtgeving komt deze nuancering natuurlijk niet meer voor. Als er geen causaal verband gevonden wordt dan kan de bouwstop en verbod op uitbreiding opgeheven worden. Ik roep geitenhouders met plannen dan ook op om vooral te blijven werken aan plannen die hen als ondernemer vooruit helpen.

Herman Nijskens wordt de nieuwe fractievoorzitter van de VVD Limburg

Herman Nijskens wordt de nieuwe fractievoorzitter van de VVD Limburg. Hij volgt huidig fractievoorzitter Joost van den Akker op wanneer deze aantreedt als nieuwe gedeputeerde Economie en Kennisinfrastructuur.

Herman Nijskens maakt sinds 2016 deel uit van de huidige Statenfractie en is woordvoerder op onder andere Landbouw, Natuur, Sport, Zorg en Sociale agenda. In het dagelijks leven is Herman ondernemer in Melick, hij runt met zijn vrouw een pensionstal voor paarden. Ook is hij raadslid in de gemeente Roerdalen, waar hij wethouder is geweest.

“Met deze stap wil ik een brug slaan naar de volgende statenperiode, het werk is niet af.”

De VVD-fractie is blij dat Herman zijn politieke ervaring en betrokkenheid bij de ontwikkeling van Limburg nu ook als fractieleider wil gaan inzetten, met zijn kenmerkende degelijke stijl, dossierkennis en humor. De fractie wenst hem daarbij veel succes!

Brabo-boeren niet welkom in Limburg

Als ik het artikel leest krijgt ik het gevoel dat Limburg gaat voor ‘eigen varkens eerst’. Noord-Brabant heeft plannen om haar regels voor de veeteelt aanscherpen. Dit kan betekenen dat Brabantse boeren naar andere locaties in Nederland gaan kijken om zich te vestigen of uit te breiden. Gedeputeerde Staten van Limburg wil voorkomen dat deze boeren zich in Limburg vestigen. Dit omdat men bang is dat ontwikkelingsmogelijkheden van de Limburgse boeren teniet worden gedaan.

Is het niet Gedeputeerde Staten die overal preken dat Limburg een provincie met open grenzen is. Ook het coalitieakkoord staat er vol van. Ik vraag mij oprecht af hoe de provincie dit verbod wil toepassen. Grenzen dicht? Wie gaan die grenzen controleren? De Limburgse Jagers? Zijn ze tenminste weer terug in Limburg. En hoe zit dat dan met het vrij verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal waar we in Europa altijd zo op hameren? Geld er nu echt een ‘inreisverbod’ voor ‘vluchtende’ Brabo-boeren?

Delen van Midden-Limburg en Zuidoost-Brabant vallen onder een regio op het gebied van dierrechten. Als Brabant haar regelgeving doorzet betekent dat dat Midden-Limburg de dupe gaat worden van beleid in een andere provincie. Te gek voor woorden. Gelijk speelveld voor boeren in heel Limburg, Brabo-boer of Limbo-boer.

Herman Nijskens, Melick

Klik hier voor de schriftelijke vragen die Statenlid Herman Nijskens op 9 juni hierover heeft gesteld.

De otter is niet welkom in Limburg

De statenleden van Limburg Rudy Tegels (CDA)  en Herman Nijskens (VVD) willen niet dat er otters worden bijgeplaatst in hun provincie. De politici zijn principieel tegen het plaatsen van dieren die er natuurlijk niet meer voorkomen.

De otter is een echt Nederlands dier. Hij gedijt in een natte omgeving op de oevers. We hebben er 150 tot 200 van in Nederland. Otters kunnen ‘s nachts uren sluipen langs de oevers en kunnen tientallen kilometers afleggen op zoek naar een partner. Je kunt ze onder andere vinden in Overijssel, Friesland, Groningen, Drenthe en Gelderland.

Otters houden van vis , kleine waterdieren en zijn erg op hun privacy, en ze komen dus ook naar Limburg. Ze komen ook wel zelf in de loop der jaren maar natuurbeschermers zijn van plan otters ‘uit te zetten’ in Limburg.

Overlast

En daar hebben statenleden Rudy Tegels en Herman Nijskens geen zin in. Limburg heeft al jaren volop last van een ander dier: de bever. Zij zorgen al jaren voor veel schade voor de waterschappen. Want bevers bouwen graag dammen. En ze knagen graag aan landbouwgewassen, wat veel kosten geeft. In 2001 liet Limburg 33 bevers uitzetten. Het zijn er inmiddels al meer dan 600. En nu krijgen ze er dus weer otters bij.

Geen goed idee vinden de statenleden. Niet nog meer kosten en gedoe erbij. Ze zijn klaar met het invoeren van nieuwe dieren in Limburg. Want wat als de overlast van otters ook weer voor problemen en extra kosten gaat zorgen? In de provinciale natuurplannen zitten volgens hen geen antwoord op die vragen.

EenVandaag zoekt de statenleden Tegels en Nijskens op in Limburg en gaat op pad met boswachter Egbert Beens. Hij zette 15 jaar geleden de otter uit in Overijssel. Beens is bezeten van de otter. Volgens hem kleven er geen gevaren aan dit waterdier.

Klik hier voor het originele bericht op 1 vandaag

Klik hier voor het eerdere artikel over de schriftelijke vragen

Otters in Limburg

‘In Gelderland en Limburg wordt hard gewerkt aan de terugkeer van de otter’, staat te lezen op de website van Stichting Ark. Op diezelfde site wordt gesproken over het uitzetten van otters. Deze signalen over herintroductie staan haaks op de door ons gewenste situatie dat dieren zichzelf vestigen. Wij zijn principieel tegen het uitzetten van (nieuwe) diersoorten, gezien de problemen uit het verleden met het herintroduceren van dieren op een niet natuurlijke wijze.

Op woensdag 10 mei heeft VVD Statenlid Herman Nijskens hier samen met Rudy Tegels van het CDA vragen over gesteld.

Voor de volledige schriftelijke vragen kunt u hier klikken.

Actieplan Bos en Hout

Op 26 oktober heeft statenlid Herman Nijskens vragen gesteld aan het college van Gedeputeerde staten van Limburg omtrent het actieplan Bos en Hout.

Op woensdag 23 november hebben wij hier antwoord op ontvangen. Hieronder de vragen met antwoorden.

Vraag 1. Bent u op de hoogte van het actieplan Bos en Hout dat woensdag 26 oktober gepresenteerd is aan staatsecretaris Dijksma?

Antwoord.  Ja. Het Actieplan1 is een initiatief van 18 organisaties uit de bos- en houtsector om een bijdrage te leveren aan de klimaatdoelstellingen in 2050. Het bevat naast de genoemde bosuitbreiding nog een elftal andere acties. Die zien toe op zaken als het vergroten van de oogst uit bestaande bossen, het stimuleren van verschillende vormen van houtgebruik, de verbetering van de samenwerking in de houtketen en de acties op het gebied van financiering.

Vraag 2.  Hoe realistisch acht u dit plan?

Antwoord. Het Actieplan kan deel gaan uitmaken van een breed spectrum aan plannen die Nederland meer biobased en klimaatbestendiger kunnen maken. De meeste maatregelen in dit plan achten we, zeker gezien de lange looptijd van dit Actieplan, realistisch en uitvoerbaar. Specifiek kijkende naar de bosuitbreidingsdoelen het volgende. Het Actieplan verdeelt de uitbreidingsopgave in een aantal deelcategorieën; 1. Nieuw bos in bestaande natuur- en recreatieterreinen (bv op minder waardevolle graslanden), 2. Energiebossen, 3. Agroforestry, 4. Tijdelijke bossen op landbouwgronden, industrieterreinen en bouwgrond en tenslotte 5. Nieuwe natuur- en recreatieterreinen. Dit zijn zeker categorieën waar ook in Limburg op kleinere of grotere schaal bossen gerealiseerd zouden kunnen worden.  Er zijn ook realisatiekansen om de aanpak te integreren met het Deltaplan Hoge Zandgronden, door bijvoorbeeld bosontwikkeling te combineren met het bufferen van water in beekdalen om overlast tegen te gaan maar ook om de waterbeschikbaarheid bij droogte te verbeteren. Tenslotte zijn er in het kader van Platteland in Ontwikkeling mogelijkheden, bij integrale gebiedsontwikkeling, het actieplan bos en hout als input te benutten en zo met maatwerk tot bosontwikkeling te komen.
Het Actieplan geeft overigens aan dat er nog nadere onderzoeken lopen, zoals een impactstudie in opdracht van het ministerie van EZ en Natuur & Milieu. Daaruit zal de realiteit en het mee koppelen met andere doelen in het landelijk gebied  en de stedelijke omgeving van dit plan mede blijken.

Vraag 3. Hoeveel hectares nieuw bos denkt u dat in Limburg zou moeten worden aangelegd?

Antwoord. Hoeveel hectares bos er in Limburg te realiseren zijn tot 2050 is vooralsnog alleen globaal te voorspellen. Dat hangt mede af van ontwikkelingen in andere grondgebruikende sectoren, de vraag naar en de prijsontwikkeling van hout en biomassa. Het Actieplan Bos en Hout biedt kansen voor stakeholders in het landelijk gebied, maar ook in de stedelijke zones. Stakeholders die hier op inspelen beïnvloeden uiteindelijk het aantal te realiseren hectares bos. Als indicatie van de omvang van de bosrealisatie zou gekeken kunnen worden naar de Bosnota Limburg (1997 – 2007) waarin 4.000 ha als haalbaar doel werd gesteld voor een periode van 25 jaar (in geval van de Bosnota Limburg was dat dus tot ca. 2022).

Vraag 4. Hoe vertaalt zich dat naar de binnenkort vast te stellen natuurvisie?

Antwoord. Bij het opstellen van de Natuurvisie Limburg 2016 was dit actieplan nog niet beschikbaar. De functie van bossen in het klimaatdossier is wel aangestipt in paragraaf 6.5, evenals de productiefunctie van bossen. Er is echter geen programmalijn opgenomen in hoofdstuk 9 van de Ontwerp-Natuurvisie, waarin de uitvoeringsacties met betrekking tot bossen expliciet aan de orde komen. De aanleg van de verschillende categorieën nieuwe bossen kan overigens wel ingepast worden in de Uitvoeringstrategieën die in hoofdstuk 5 van de Ontwerp-visie worden genoemd: Onder “Natuurinclusieve Landbouw, kan “agroforestry” en “energiebos” vallen. Onder “Natuur en economie” past het thema rond het vergroten van de oogst uit bestaande bossen. “Groen in en om de Stad” en “Natuur op uitnodiging” kan de aanleg van nieuwe bossen behelzen, bijvoorbeeld in Zilvergroen of als onderdelen van bijvoorbeeld nieuwe landgoederen in combinatie met de fiscale faciliteiten van de Natuurschoonwet (zie hoofdstuk 6 van de Natuurvisie). De categorie “Tijdelijke Natuur” valt samen met tijdelijke bossen uit het Actieplan. Daarnaast is er een koppeling met het Provinciaal Waterplan Limburg 2016 – 2021 en het Deltaplan Hoge Zandgronden, die tot doel hebben het bereiken van een klimaatbestendig regionaal watersysteem, door onder meer water vast te houden in natuur- en bosgebieden.

Vraag 5. Is het denkbaar om met name natuurlijk grasland in te zetten waardoor de druk op landbouwgrond minimaal is?

Antwoord. Ja, het omzetten in bos van natuurterreinen met korte vegetaties met beperkte natuurwaarden is een mogelijkheid. Daarnaast zijn er kansen om in beekdalen combinaties te maken met het bufferen van water,  bosontwikkeling op gronden die minder geschikt zijn voor landbouw en het verbeteren van de landbouwstructuur met een gestuurd peilbeheer.

Klik hier voor de pdf versie